Welke maat helm heb ik nodig? Zo kies je de juiste scooterhelm!
Welke maat helm heb ik nodig?
Een helm kan er mooi uitzien en aan alle veiligheidseisen voldoen, maar hij beschermt pas goed wanneer hij ook daadwerkelijk goed past. Een te grote helm kan tijdens het rijden verschuiven en bij een val onvoldoende op zijn plaats blijven. Een te kleine helm veroorzaakt juist pijnlijke drukpunten en wordt vaak na korte tijd oncomfortabel.
Daarom is het belangrijk om vóór het kiezen van een scooterhelm eerst je hoofdomtrek te meten. Met een meetlint en onderstaande maattabel bepaal je eenvoudig welke helmmaat waarschijnlijk het beste bij je past.
Zo meet je jouw hoofdomtrek
Voor het meten van je hoofd heb je alleen een flexibel meetlint nodig. Heb je geen meetlint? Gebruik dan een touwtje en meet dit vervolgens langs een liniaal of rolmaat.
Volg deze stappen:
- Plaats het meetlint ongeveer één tot twee centimeter boven je wenkbrauwen.
- Laat het meetlint net boven je oren lopen.
- Meet rondom het breedste gedeelte van je achterhoofd.
- Zorg dat het meetlint horizontaal en recht rondom je hoofd loopt.
- Trek het meetlint aan, maar niet zo strak dat het in je huid drukt.
- Lees het aantal centimeters af en herhaal de meting voor de zekerheid.
De uitkomst in centimeters is je hoofdomtrek. Deze maat kun je vervolgens vergelijken met de onderstaande maattabel.
Algemene maattabel voor scooterhelmen
Onderstaande tabel is een algemene richtlijn. De precieze maatvoering kan per merk, helmmodel en type binnenvoering enigszins verschillen.
| Hoofdomtrek | Meest voorkomende helmmaat |
|---|---|
| 51–52 cm | XXS |
| 53–54 cm | XS |
| 55–56 cm | S |
| 57–58 cm | M |
| 59–60 cm | L |
| 61–62 cm | XL |
| 63–64 cm | XXL |
Kom je bijvoorbeeld uit op een hoofdomtrek van 57 centimeter? Dan is maat M meestal het beste uitgangspunt. Meet je precies op de grens tussen twee maten, kijk dan altijd naar de maattabel van het betreffende merk of model.
Wat als je tussen twee helmmaten in zit?
Stel dat je hoofdomtrek precies tussen twee maten valt. Het is dan verleidelijk om meteen de grotere maat te kiezen, maar dat is niet altijd de beste oplossing. De binnenvoering van een nieuwe helm vormt zich tijdens het dragen namelijk nog enigszins naar je hoofd.
Een nieuwe helm mag daarom stevig en aansluitend zitten. Kies echter nooit een helm die pijn veroorzaakt of duidelijke drukpunten geeft. Vooral bij je voorhoofd en slapen merk je snel of de vorm van de helm bij jouw hoofd past.
Twijfel je tussen twee maten? Let dan op deze punten:
- Kies niet automatisch de ruimste helm.
- Houd rekening met het iets soepeler worden van de binnenvoering.
- Controleer of de helm gelijkmatig rondom je hoofd aansluit.
- Let op pijnlijke drukpunten bij je voorhoofd en slapen.
- Vergelijk indien mogelijk de maattabel van het merk.
Hoe hoort een nieuwe helm te zitten?
Een goed passende helm zit strak, maar niet pijnlijk. Wanneer je de helm opzet, mag je lichte druk op je wangen en rondom je hoofd voelen. Vooral de wangstukken van een nieuwe integraalhelm of systeemhelm kunnen in het begin behoorlijk aansluiten.
De helm hoort tijdens het bewegen van je hoofd niet los heen en weer te schuiven. Beweeg de helm met beide handen naar links en rechts. Als de helm goed past, beweegt de huid van je voorhoofd mee. Draait de helm gemakkelijk zonder dat je huid meebeweegt, dan is hij waarschijnlijk te groot.
Controleer ook altijd het volgende:
- De helm sluit overal goed aan.
- Je voelt geen scherpe of pijnlijke drukpunten.
- De helm draait niet zelfstandig om je hoofd.
- Je kunt de helm niet gemakkelijk naar voren of achteren trekken.
- De kinband kan stevig worden gesloten.
- De helm belemmert je zicht niet.
- Je oren zitten comfortabel en niet dubbelgevouwen.
Hoe herken je een te grote helm?
Een te grote scooterhelm voelt in eerste instantie vaak comfortabel. Toch is een ruime helm niet automatisch een goede keuze. Tijdens het rijden kan hij gaan bewegen door wind, trillingen en bewegingen van je hoofd.
Een helm is waarschijnlijk te groot wanneer:
- hij gemakkelijk naar links en rechts draait;
- hij naar voren zakt en je zicht belemmert;
- er veel ruimte bij je wangen of slapen zit;
- je vingers gemakkelijk tussen je voorhoofd en de binnenvoering passen;
- hij loskomt wanneer je hem vanaf de achterkant naar voren probeert te trekken;
- hij bij hogere snelheid merkbaar beweegt.
Een te grote helm wordt door gebruik alleen maar ruimer, omdat de binnenvoering na verloop van tijd iets wordt ingedrukt. Neem daarom geen grotere maat alleen omdat die in de winkel of direct na ontvangst zachter aanvoelt.
Hoe herken je een te kleine helm?
Een nieuwe helm mag stevig zitten, maar mag geen pijn doen. Een te kleine helm herken je meestal aan een brandend of drukkend gevoel dat na enkele minuten steeds erger wordt.
De helm is mogelijk te klein wanneer:
- je hem bijna niet over je hoofd krijgt;
- je direct pijn voelt bij je voorhoofd of slapen;
- je na enkele minuten hoofdpijn krijgt;
- de druk niet gelijkmatig over je hoofd verdeeld is;
- de kinband niet goed gesloten kan worden;
- je oren voortdurend pijnlijk worden afgekneld.
Draag een nieuwe helm binnenshuis gerust tien tot vijftien minuten om de pasvorm te beoordelen. Laat daarbij alle labels zitten en gebruik de helm nog niet buiten zolang je niet zeker weet of de maat goed is.
Verschilt de pasvorm per merk?
Ja, twee helmen met dezelfde maat kunnen toch verschillend zitten. Dat komt doordat niet ieder hoofd dezelfde vorm heeft en fabrikanten verschillende helmschalen en binnenvoeringen gebruiken. Het ene model is wat ronder, terwijl een ander model langer of smaller kan vallen.
Zo kan maat M van het ene merk perfect passen, terwijl je bij een ander merk een S of L nodig hebt. Gebruik de algemene helm-maattabel daarom als startpunt en controleer altijd of bij het gekozen product een specifieke maatvoering wordt genoemd.
In het assortiment vind je onder andere Beon-helmen in verschillende maten en uitvoeringen. Bekijk bij iedere helm goed welke maat in de producttitel of productomschrijving staat vermeld.
Maakt het type helm verschil voor de maat?
De manier van meten blijft voor vrijwel alle helmen hetzelfde, maar de pasvorm kan per helmtype anders aanvoelen.
Jethelm of retrohelm
Een jethelm of retrohelm heeft een open gezicht en voelt daardoor vaak vrijer aan. Toch moet ook een jethelm stevig rondom het hoofd aansluiten. De helm mag niet naar achteren waaien of naar voren over je ogen zakken.
Integraalhelm
Een integraalhelm omsluit het volledige hoofd en heeft een vast kinstuk. De wangstukken kunnen bij een nieuwe integraalhelm strak aanvoelen. Dat is normaal, zolang er geen pijnlijke drukpunten ontstaan.
Systeemhelm
Bij een systeemhelm kan het kinstuk omhoog worden geklapt. Controleer de maat altijd met het kinstuk gesloten. De helm moet dan stevig op zijn plaats blijven zitten.
Crosshelm
Een crosshelm heeft doorgaans een uitgesproken kinstuk en een andere vorm dan een normale scooterhelm. De hoofdomtrek blijft leidend, maar let extra goed op de ruimte bij je wangen, kin en voorhoofd.
Speed-pedelechelm
Een speed-pedelechelm is bedoeld voor gebruik op een speed pedelec en valt vaak lichter en luchtiger uit dan een scooterhelm. Ook hierbij moet de schaal stabiel zitten en mag de helm tijdens het fietsen niet verschuiven.
Welke maat helm heeft een kind nodig?
Kies een kinderhelm nooit uitsluitend op basis van leeftijd. Kinderen van dezelfde leeftijd kunnen een heel verschillende hoofdomtrek hebben. Meet daarom altijd het hoofd van het kind en vergelijk de uitkomst met de maattabel van de gekozen helm.
Koop een helm ook niet bewust “op de groei”. Een te ruime helm kan verschuiven en biedt daardoor geen goede pasvorm. Controleer bij kinderen regelmatig of de helm nog goed aansluit, zeker wanneer de helm al langere tijd wordt gebruikt.
Vergeet de kinband niet
Zelfs een goed passende helm moet altijd correct worden vastgemaakt. Sluit de kinband stevig onder de kin. De band mag niet loshangen, maar hoeft ook niet pijnlijk strak te zitten. Er moet doorgaans nog ongeveer één vinger tussen de band en de kin passen.
Probeer de gesloten helm daarna vanaf de achterkant naar voren over je hoofd te trekken. Lukt dit gemakkelijk, controleer dan eerst de afstelling van de kinband. Blijft de helm daarna nog steeds te los zitten, dan heb je mogelijk een kleinere maat nodig.
Draag je een bril of helmmuts?
Draag je tijdens het rijden meestal een bril? Zet deze dan ook op wanneer je de helm past. De pootjes moeten comfortabel tussen je hoofd en de binnenvoering passen. Voor sommige open helmen kun je daarnaast een passende helmbril gebruiken.
Gebruik je in de winter een helmmuts? Houd er dan rekening mee dat een dikke muts de pasvorm beïnvloedt. Kies echter geen te grote helm alleen om ruimte voor een muts te creëren. Een dunne helmmuts is daarvoor meestal geschikter.
Pasvorm kan na verloop van tijd veranderen
De binnenvoering van een helm wordt door gebruik geleidelijk zachter en iets dunner. Een helm die bij aankoop al ruim zit, zal daardoor later alleen maar losser worden. Zit een oudere helm opeens veel ruimer dan voorheen, dan kan de binnenvoering versleten zijn.
Voor bepaalde modellen is losse helmbinnenbekleding verkrijgbaar. Houd je helm daarnaast schoon en fris met geschikte producten voor helmverzorging. Een beschadigd of sterk versleten vizier kun je bij veel modellen afzonderlijk vervangen.
De juiste helmmaat in het kort
Voor het kiezen van de juiste helmmaat kun je deze stappen aanhouden:
- Meet je hoofdomtrek één tot twee centimeter boven je wenkbrauwen.
- Vergelijk het aantal centimeters met de maattabel.
- Controleer indien beschikbaar de specifieke maattabel van het merk.
- Kies een helm die stevig en gelijkmatig aansluit.
- Controleer of de helm niet kan draaien of verschuiven.
- Let op pijnlijke drukpunten bij je voorhoofd en slapen.
- Stel de kinband goed af.
- Houd rekening met het zachter worden van de binnenvoering.
Met een zorgvuldig gemeten hoofdomtrek en een goede controle van de pasvorm voorkom je dat je een te grote of te kleine helm kiest. Bekijk het volledige aanbod scooterhelmen en helmaccessoires en gebruik de maattabel om gericht naar de juiste maat te zoeken.